Inleiding
In dit boek staan korte beschrijvingen met een afbeelding van alle gebouwde rijksmonumenten in de gemeente Loppersum. Toen ik in alle dorpen deze monumenten ging bekijken zag ik veel meer bijzondere en mooie objecten dan er op mijn lijstje staan. Het aantal gebouwen dat de Rijksdienst voor de Monumentenzorg (RDMZ) heeft uitgekozen om van overheidswege beschermd te worden is veel kleiner dan het aantal dat de moeite van het bekijken waard is. Wat is dan een monument zult u zich afvragen. Ik geef u een citaat:
“Een monument is (…) iets bijzonders, en wel zo bijzonder dat we er gemeenschappelijke waarde aan toekennen. Elk monument is uniek en onderscheidt zich door zijn bijzondere maat, zijn individuele karakter en zijn detailleringen; een monument is een vertrouwd herkenningspunt in een steeds veranderende omgeving, het vertelt ons iets over de sociale, de economische en culturele geschiedenis van een land of streek. Monumenten zijn een deel van ons verleden, geven identiteit aan een plaats, en hebben daardoor ook belangrijke emotionele waarde.” Dit staat te lezen in een boek van Monumentenwacht Nederland en treffender kan ik het niet zeggen. De RDMZ kiest panden uit die authentiek en gaaf zijn en bij een bepaalde tijd en stijl horen. Ook speelt in een aantal gevallen de geschiedenis een rol, zoals bijvoorbeeld bij een voormalig rechthuis of een zeldzaam geworden afstandspaaltje. De overheid stelt een budget beschikbaar dat de eigenaren enigszins tegemoet kan komen als er hoge kosten gemaakt moeten worden om het monument in stand te houden. U begrijpt dat die middelen beperkt zijn en bovendien hoeven we toch ook niet alles voor de
eeuwigheid te bewaren. Bouwkunst is kunst waarin we verblijven, waar we langs lopen; het is kunst op straat. Het gaat om gebouwen en andere objecten die gebruikt worden voor wonen, werken, recreëren,
culturele, godsdienstige, onderwijs- en sportactiviteiten. Zoals bij alle kunsten wordt ook bij de bouwkunst vernieuwing en esthetiek nagestreefd. Het moet verrassend en bekoorlijk zijn. Maar bouwkunst moet ook praktisch zijn en duurzaam. Bouwkunst is kunst met twee benen op de grond. En net zo als bij andere kunsten willen we de historische ontwikkeling kunnen zien. Met behulp van de kaarten in dit boek kan een wandeling of fietstocht worden gemaakt door de architectuurgeschiedenis van Loppersum. Alle dorpen die tot de gemeente Loppersum behoren komen aan bod in alfabetische volgorde: Eenum, Garrelsweer, Garsthuizen, Huizinge, Leermens, Loppersum, Middelstum, Oosterwijtwerd, Stedum, Westeremden,
Westerwijtwerd, Wirdum, ’t Zandt, Zeerijp en Zijldijk.
De omvang van dit boek laat niet toe diep op de architectuur en de verschillende stijlen in te gaan. Het biedt enige informatie die meegenomen kan worden als men de monumenten gaat bekijken. Lang niet alles wordt beschreven; de beschouwer wordt op weg geholpen. Hoofdstuk 1 begint met een korte schets van de bouwstijlen vanaf het jaar 1000, de datering van de oudste monumenten in deze regio. Uit de tijd daarvoor zijn in het noorden en dus ook in Loppersum, nagenoeg geen zichtbare resten van bouwkunst bewaard gebleven. Hoofdstuk 2 schenkt kort aandacht aan de archeologische monumenten die Loppersum
heeft. In de daarop volgende hoofdstukken worden alle gebouwde monumenten per type besproken. De volgorde is steeds op alfabet van dorp en daaronder op alfabet van straat. Daarna volgt een verklaring van de gebruikte vaktermen, een lijstje met literatuur en bronnen en tot slot de verantwoording van de afbeeldingen en een totaallijst van alle monumenten. Op deze plek wil ik graag mijn dank uitspreken aan Jac. Bronsema, archivaris te Loppersum en Roel Zomer, medewerker afdeling VROM te Middelstum. Zij beide hebben mij uitstekend geholpen bij het zoeken naar de juiste informatie. Ik dank Klaas Schermer voor het tekenen van de verschillende bouwstijlen, het maken van een groot aantal foto’s en het kritisch lezen en becommentariëren van mijn teksten. Tot slot een bijzonder woord van dank aan Kees Reinders, die de tekst heeft doorgelezen en waar nodig geactualiseerd en aangevuld.
Riet Pastoor, juni 2005 |